Jongeren versus protestgeneratie: waardestrijd in alle hevigheid losgebarsten

  • Home
  • Artikelen
  • Jongeren versus protestgeneratie: waardestrijd in alle hevigheid losgebarsten

Jongeren versus protestgeneratie: waardestrijd in alle hevigheid losgebarsten

De waardesystemen van de protestgeneratie, die vaak nog aan het roer staat, en jongeren botsen binnen organisaties en zijn zelfs totaal niet compatibel. Hoogleraar Organisatiekunde Mathieu Weggeman legt tijdens lezingen en in dit interview uit waarom hij denkt dat leidinggevende babyboomers, althans degenen die in het oude denken zijn blijven hangen, uiteindelijk moeten inbinden.

De protestgeneratie drijft nog steeds op geld, status en macht. Deze babyboomers fuseren graag, want dan zijn ze baas van iets groters en krijgen ze meer status en macht. Ze zijn materieel ingesteld en hechten veel waarde aan bonussen of betaling in opties van aandelen als het om beursgenoteerde ondernemingen gaat en protesteren tegen de Balkenendenorm”, zegt hoogleraar Mathieu Weggeman. “Het waardesysteem van de jonge generatie vormt daarmee een enorm contrast. Zij vinden niet drie maar vier P’s belangrijk: People, Planet, Profit én Pleasure. Jongeren hechten aan het welzijn van collega’s, klanten en de inwoners van de stad of het dorp waar de organisatie is gevestigd. Ze schamen zich als mensen moeten stoppen met barbecueën als vieze lucht uit het bedrijf waar zij werken overtrekt. Ze vinden ook dat de toestand van de planeet beter moet zijn als ze hem verlaten dan toen ze erop kwamen. Natuurlijk willen zij uiteindelijk wel iets in hun zak steken, maar die winst niet gebruiken om een Bentley, Porsche Panamera, Audi A6 of een tweede huis met zwembad te kopen.” Deze jongeren hebben volgens Weggeman meer belangstelling voor de laatste gadgets van Apple of Samsung of een mountainbike. Ze zien ook de wereld als hun huiskamer en vliegen graag met een goedkope luchtvaartmaatschappij voor een weekendje naar Barcelona. “De materiële wensen van deze twee
generaties zijn dus heel verschillend.”

Leden van de protestgeneratie willen dat het leven betekenisvol is. “Zij willen door hard werken stenen verlegd hebben en het verschil gemaakt hebben. Plezier hoeft daarbij geen rol te spelen. Generatie Y, de jongeren, wil dat het leven naast betekenisvol ook aangenaam is. Daarom hebben zij de P van Pleasure toegevoegd. Deze groep wil wel naar politici luisteren, maar dan op Lowlands of strijden voor betere bestrijding van hiv, maar dan met U2 erbij. Onderzoeksgeld inzamelen voor ALS combineren ze met een ‘ice bucket challenge’.”

HET GROTE WAAROM

“Jonge mensen die bij een organisatie gaan werken vragen eerst wat het nut is van die club. Ze vragen naar wat Simon Sinek noemt ‘the big why’, het grote waarom. Waarom worden bepaalde producten gemaakt, waar komen de winsten vandaan en wie worden daar blij van? De protestgeneratie vindt dat wat zweverig en denkt vooral aan de aandeelhouderswaarde van de bedrijfsactiviteiten.” Weggeman citeert CEO Paul Polman van Unilever uit een interview met Scope:

‘De jonge mensen die hier tegenwoordig binnenkomen vragen niet meer wat Unilever hen kan bieden, maar wat onze waarden zijn en wat wij in de wereld bereiken’. “Hij zei verder zoiets als ‘Dat moet niet gekker worden’. Ik heb echter veel bewondering voor Polman. Hij vindt het lastig en raar, maar heet die verandering wel gezien en is zich daartoe aan het verhouden. Veel protestgeneratiemensen merken dat helemaal niet op. Dat komt doordat wie de macht heet en eigenaar is van de assets, niet vindt dat hij zich hoeft aan te passen aan degenen die geen macht hebben. Deze leiders geven toe dat de jongere generatie anders denkt, maar zeggen daar meteen achteraan: ‘Dat zal allemaal wel, maar wij doen het hier zo. Als het ze niet bevalt gaan ze maar. Dat is echter op termijn niet vol te houden, want dan gaan er te veel.” Mathieu Weggeman: “Het contrast is het grootst tussen generatie Y en de babyboomers. De generaties daar tussenin laten we even buiten beschouwing.” Hij is optimistisch over de jongeren. “Zij kunnen goed samenwerken, pluggen zonder dat dit opvalt meteen in op nieuwe groepen doordat ze prima kunnen hechten en onthechten, zijn resultaatgericht en delen alle kennis en verwachten dat ook van anderen. Kennis is voor hen geen macht, maar een middel.